Waarom hulpverleners niet staken

Al jaren wordt er flink gekort op de zorgkosten. Er wordt geherstructureerd, gefuseerd, afgeschaald en uitgekleed. Hulpverleners moeten meer zorgen in minder tijd. Oja, en voor minder geld. Hoe komt het toch dat niemand (zichtbaar) hiertegen in opstand komt? Mensen vragen me wel eens waarom we niet gaan staken. Waarom zien we politieagenten, buschauffeurs, Jan en Alleman staken, maar niet de hulpverleners?
Ik ben dus hulpverlener. En je moet weten: tot voor kort was ik iemand die graag mijn persoonlijke mening voor me hield. Niet dat ik geen mening had. En heus, ik deelde mijn mening wel eens, maar op een veilige manier onder vrienden en bekenden. Niet voor het grote publiek. En niet te rigoureus, maar voorzichtig, want wat zouden anderen wel niet van me kunnen denken. Misschien had ik het wel mis. Mensen zouden een discussie kunnen beginnen en me ongelijk geven.
Dat zit in mijn gevoelige karakter. Een type karakter dat ik met veel hulpverleners deel. Dat maakt ons goed in ons werk, we kunnen ons goed invoelen en gemakkelijk praten over problemen en oplossingen. Een beetje sussen doen we graag. Ik althans. Een probleem mag er zijn, maar hoeft niet opgeblazen te worden. Maar als een wachtlijst te lang is, of een bureaucratische route te ingewikkeld is waardoor onze cliënten worden benadeeld, vechten we als leeuwen en staan we graag met onze mening klaar. Dan gaat het om het welzijn van anderen. Daar gaan we voor.
Maar normaliter willen we aardig gevonden worden. Het liefst door iedereen, ook al weten we ergens dat dit niet kan. Hulpverleners houden niet van ruzie maken. Dus lossen we bezuinigingen in eerste instantie op door zelf in te leveren en op eigen kosten te bezuinigingen, zodat het niet ten koste gaat van de kwaliteit van onze zorg. Want oproer veroorzaken vinden we spannend. We willen problemen oplossen, geen problemen maken. En als we oplossen, doen we dat liever door middel van praten dan door grootse gebaren.

Tja, dus zie je het voor je: hulpverleners die vooral aardig gevonden willen worden en die pratend problemen oplossen stakend op het binnenhof:
“Minister Schippers, we zouden toch graag even met u praten over de geplande bezuinigingen op de jeugdzorg. Alhoewel we uw standpunt wat betreft het krimpen van de staatsschuld goed begrijpen, moeten we toegeven toch enige moeite te hebben met het korten van de budgets voor de kinder- en jeugd GGZ. Ziet u, met de lagere tarieven zou ik best mijn cliënten willen behandelen, die mensen verdienen goede zorg. Echter om er zelf niet enorm op achteruit te gaan, zou ik elke dag een extra uur moeten werken, en dat zou ik toch best vervelend vinden. Zou u misschien willen overwegen de bezuinigingen te matigen? Natuurlijk nadat u uw koffie heeft opgedronken. Bovendien heb ik over een half uur een cliënt. Dus als u mij wilt excuseren…”

Natuurlijk is dit overdreven. Maar feit is wel dat tot nu toe ‘slechts’ brieven worden geschreven door de beroepsverenigingen aan de minister om voor grote wijzigingen te pleiten. Deze verenigingen vertegenwoordigen weliswaar de beroepsgroep, maar waar is de beroepsgroep zelf? Ook wij mogen af en toe een geluid laten horen. Ik heb me voorgenomen een eerste stap hierin te zetten door regelmatig een blog te plaatsen over een onderwerp dat mij aan het hart gaat. Misschien ben je het met me eens. Misschien helemaal niet. Laten we dan onze mening uitwisselen en in gesprek gaan. Daar ben ik immers goed in!

Leave your comment